Groot onderhoud Stormmeeuw

Na mastbreuk, kan er toch niet gezeild worden dus van de nood maar  een deugd maken en van mijn vacante vakantie maar een werkbeurt.
De mast zal later gemaakt worden en dit zeilzoen is dus wel voorbij, helaas en zit tegenwoordig ook nog op de binnenvaart i.p.v. op de chartervloot dus ga het zeilen echt missen. Af en toe een invalbeurt op verscheidene schepen heb ik wel gedaan dus…..kom af en toe wel……. aan mijn trekken. Verder wil de verzekering na expertise de mastbreuk niet dekken dus……in conclaaf. Laat me er echter niet door weerhouden om met liefde aan de Stormmeeuw te werken.
Resultaten kan men bekijken op het meest recente fotoalbum.
 
Advertenties
Published in: on 8 augustus 2010 at 20:48  Geef een reactie  

Stormmeeuw onvoltooide

  
Published in: on 3 september 2008 at 14:05  Geef een reactie  

Vervangen spanten Stormmeeuw

Vooralsnog zijn er gedurende het zeilsoen een aantal spanten gebroken, die veroorzaakte lekkage op de naden van de huidgangen, waardoor bij breeuwen van de naden de gangen steeds verder van de spanten weken.
Door uiteindelijk verdere frictie kun je lekkage niet meer voorkomen en mede daarom besloot ik de spanten in het voorschip te gaan vervangen.
Eerst moet daarbij ruimte vrij gemaakt worden zodoende toiletschot en kooi verwijderd en de oude spanten vervolgens verwijderen, door eerst de kopjes van de klinknagels  weg te slijpen en daarna met een drevel de klinknagels voorzichtig naar buiten slaan, daarna gehele klinknagel naar buiten trekken.
Nu kan je het spant voorzichtig verwijderen en de scheepshuid controleren en op de plek van de stuiknaden zitten ziet men dat de gangen zich naar buiten vervormd aangezien er geen spant meer achter zit.
Om een nieuw spant er weer in te zetten, heb ik eerst een stoomkanaal/kist geprepareerd van een waterleidingpijp diameter 110mm en de uiteinde afgedicht met doppen, waarbij aan de eene zijde een tule met slang is door gevoerd, deze slang heb ik weer aangesloten op de fluitketel gevuld met water.
De spanten van eiken(45x25mm)op maat gezaagd en een ronde kant er aan gefraced om ze vervolgens in de stoomkist te leggen(4stuks), aangezien je er niet meer kunt verwerken in je eentje.
Na een 3/4 uur, heb ik de eerste spant eruit gehaald en in de bocht proberen te drukken maar het hout was te weerbarstig zodat ik hem nog iets langer heb gestoomd, alles bij elkaar denk ik ruim een uur en daarna lukte het wel om hem er in te buigen.
Ik denk dat het ook afhankelijk is van de breedte en dikte en soort hout, acacia stoomt beter maar moeilijk te verkrijgen helaas want de laatste houtsoort is veel duurzamer ook en sterker.
Nu het eerste spant erin gedrukt zit moet men het nog in de stand zo houden dat ie strookt met de huid, daarbij gebruikte ik een stempel om vervolgens met een aantal schroeven het spant te fixeren, waarbij deze later afgeklonken worden.
Published in: on 13 januari 2008 at 16:21  Geef een reactie  

Restauratie ‘Stormmeeuw’

Midden in de zomer van 2001, na enig onderhandelen met de eigenaar, kochten wij de Stormmeeuw in de haven van de Marine jachtclub te Den Helder alwaar zij bijna 50 jaar haaar thuishaven had.De vorige eigenaren kochten haar via de domeinen, daar het schip werd afgevoerd van de sterkte aangezien de explotatiekosten niet langer te rechtvaardigen waren voor de Marine, waar het jacht als opleidingsschip voor adelborsten diende en tevens als admiraalschip fungeerde.

In eerste instantie herkende ik het schip van de haaks waddenweek wedstrijden tijdens Sail Den Helder en een jaar later was het aanwezig op de DCYR ’99 te Hellevoetsluis.Wij zagen in de Stormmeeuw het schip om wat langere reizen en vakantie mee te houden en daarbij wat meer ruimte en comfort dan met de ‘Wicky"(boemerang ontwerp Kroes te Kampen).

Vooralsnog zagen wij de mooie lijnen van de romp en was de kajuitopbouw met doghouse en de rechthoekige ramen in disharmonie naar het klassieke model van het Britannia ideaal.Leuke anekdote is, dat toen we het schip net drie dagen voeren en in de oranjesluizen naast iemand lagen en diegene niet meer vertelde dan dat het een Zweeds ontwerp van Bertil Bóthen was en dat anderhalve week later…….dezelfde man op de kade in Hellevoetsluis stond met enige kopieën van een artikel uit de Waterkampioen van 1939 met een beschrijving van de bouwer n.l. fa.Wester te Woubrugge in opdracht van een Engelse firma genaamd Clarkson Ltd. te Hove.

In dat artikel stonden lijnenplan, interieur-en zeilplan maar ook nog twee foto’s van een schip op stapel en de te waterlating van de "wild gull", daar deze klasse in Engeland de Gull class genoemd werd. Naar aan leiding van dat artikel en de foto’s zagen we hoe de kajuit opbouw van origine was en daar het dek ook aan vervanging toe was besloten we om het geheel terug te brengen naar authentieke staat.

Oktober den eerste lag zij voor de kant bij de Haarlemsche Jachtwerf van de fam. Opzeeland alwaar drie dagen later de mast werd onttakeld en van het schip gehesen.Aangezien er vanwege de schematische weergave voor de indeling van de winterstalling nog enige vorderingen gemaakt moesten worden duurde het opstal brengen van de merry nog wel even.Zodoende werd de mast van al het beslag ontdaan en tevens de karakteristieke lantaarns drie in getal{rood boven groen en stoomlicht}ontkoppeld. Waarna de volgende dag de laklagen verwijderd werden en het schuren een aanvang nam…..schuren,schuren,maar als dan de eerste laklagen aangebracht  zijn dan zie je dat de kleur weer helemaal opgehaald wordt. Half Oktober stond ze dan in eerste instantie buiten op de kant alwaar wij een aanvang namen met het dekbeslag te verwijderen en de verschansing te demonteren als ook een kuiprand te verwijderen om de constructie te zien.De kajuitopbouw stond met een droge naadstuk op het dek en daaronder lag het hechthouten dek beleed met trademaster.

Eén November lag de Stormmeeuw binnen en kon  een aanvang genomen worden met het slopen van de kajuitopbouw en dek waar we al met al vier weekenden mee bezig waren zodat we ongeveer een open boot overhielden. Na nog een stuk van de bovenkant van de stevenbalk afgezaagd te hebben en nog een slecht stuk in een gang verwijderd,kun je uiteindelijk een aanvang nemen met de weder opbouw.

Tussen Kerst en Oud voor Nieuw het hecht houten onderdek dat al op maat gezaagd was, behandeld met epoxy en gelijk de onderkant gegrond en afgeschilderd, tevens voor de stevenbalk weer een nieuw stuk eiken in gelamineerd met watervaste twee komponenten poly-urethaan lijm, deze met vuurvast verzonken slotbouten gemonteerd.

Inmiddels hadden we ook twee delen teak van 7.5m. door de Amsterdamse ” fijngoudhandel’  laten afleveren voor de kajuitopbouw en de restanten verzaagd voor de stootlijst, droge naadstuk en halfronde lijst voor het kajuitdak daar je dan meteen de lengte hebt voor deze onderdelen.Begin Januari 2002 lag het nieuwe onderdek op de oude dekbalken, daarvoor nog even een nieuw stuk gang in het voorschip gezet te hebben.Na uiteindelijk toch maar de oude stootlijst verwijderd te hebben, eerst twee latten met een schuine las verlijmd voor de nieuwe stootlijst en deze met rubber compound tegen de huid en het nieuwe dek verlijmd en geschroefd.

Binnen is Nico begonnen om het hoofdschot/toiletschot eruit te breken en heeft daarvan mahonie delen weer een nieuw schot geplaatst zodat we een iets kleiner toilet kregen maar dan wel voorin een dubbele kooi konden creéren in een later stadium.Tussendoor nog even bakboord kooi waterpas gemaakt daar dit indertijd scheef aangebracht was wat voor de ligging niet optimaal was en er een twee persoons kooi van gemaakt.

Ook heb ik de stalen wrangen in het voorschip verwijderd om te zien in welke staat deze waren, ondanks de roest laag over het geheel zag de huidzijde van het staal er prima uit daar er tussen huid en staal een laag teervilt aangebracht was.De ijzeren slotbouten heb ik vervangen door RVS en deze geïsoleerd door nylon ringen tussen staal en bout te leggen, volgend jaar maar eens controleren op galvanische werking!Merel heeft zowel in het voorschip als de toiletruimte de huid grotendeels kaal gekrabt en geschuurd en vervolgens weer met een vochtregulerende beits behandeld.

Na weer een paaar weken verder te zijn, heb ik vanaf eeen mal de delen van de kajuit opbouw gezaagd en vervolgens een tiental keren geplaatst en verwijderd om de onderzijde sluitend en pas te schaven en te kunnen plaatsen in de sponning van het nieuwe droge naadstuk.Nu moest de achterzijde van de kajuit verbonden worden met de zijde, daar heb ik een verdekte zwaluwstaartverbinding van gemaakt(van een afbeelding uit het boek "how to build a wooden boat"van Bud Mac Intosh). De voorkant van de kajuit, door middel van twee op elkaar gelijmde deeltjes met gelijk aan beide kanten een sponning, verbonden met de zijkanten en de hoeken afgerond.De contouren van de kajuit stonden nu op zijn plek, daar waar ik de ovale ramen/bronzen patrijspoorten wilde en deze nog niet had, moest ik wachten met verlijmen,daarom wilde ik wachten  met het uitzagen van de gaten en omdat de frace-machine er ook nog langs moest vanwege de sponning voor het glas en een kraaltje aan de binnenkant,moest ik wachten met verlijmen.

De bronzen lichtranden heb ik na eerst een mal gemaakt te hebben, laten gieten bij een bronsgieterij waar ze in Brusselse klei werden afgegoten, er moet rekening gehouden worden  dat het materiaal een krimppercentage van 8-10% heeft en dat het afwerken zelf gedaan moet worden.

Nu de opbouw demontabel en met lijmtangen gefixeerd stond, kon ik beginnen met de dakspanten, deze zouden in mahonie uitgevoerd worden en om zo voordelig mogelijk en weinig reststukken over te houden, anderhalfduims dikke delen met een flinke breedte gekocht.    Uit ieder deel kon ik naast elkaar drie spanten zagen waar dan met blokschaaf en spookschaaf het model en kromming geprofileerd werd, dat terwijl ieder dakspant verschilde van vorm en later de bovenzijde nog eens ten opzichte van de lijn van het dak uitgestrookt moest worden.Terwijl de spanten in aantal groeide en er voor de luikhoofden en koekoek weer langsverbanden en verbindingen gemaakt moesten  worden, was dit al met al een zeer tijdrovend bezigheid ondanks de mallen die je van te voren maakt en je voortdurend de lijnen in de gaten moet houden.

Volgende stap was om de kuipranden te maken en daar er natuurlijk bocht in zit en op zo’n korte afstand teak niet zo makkelijk te buigen is, koos ik om drie dunne delen op een mal in de juiste bocht te verlijmen en omdat ik vooraf de klossen verlijmde met een sponning voor de kuiprand, kon ik deze op de hoek van de kajuit monteren en de volgende dag al de kuipranden pas zagen en schaven en de vorm bepalen. De achterzijde van de kuiprand, met een groef in de zijkant van de langsdelen van de kuip weer verbonden door deze half in te laten en zo een verbinding te maken.

Halverwege Maart besloot ik toch maar de gaten voor de patrijspoorten te zagen en dan moet je naar aanleiding van een foto bepalen waar die moeten komen en dat je ze in de juiste verhouding/afstand van het geheel moet zien te plaatsen en dat je er vanuit verschillende perspectieven en hoeken naar moet kijken en de papieren sjablonen op de kajuit  weer een ander zicht geven dan glas en brons, dan is dit een dilemma en voor je de zaag erin zet moet je zeker weten dat het goed zit.

Na het peentjes zweten en je de gaten erin gezaagd hebt, plaats je de delen weer terug en dan maar zien of de verhoudingen kloppen, mooi is dan om te zien dat de ovale gaten die erin gevormd zijn dan een geheel ander aanzien geven dan de blinde plank die er al die tijd opstond. vervolgens kun je aan de buitenzijde de sponning fracen en een kraaltje aan de binnenkant.

Zodra ik deze beslissing had genomen kon ik de gehele opbouw plaatsen en verlijmen alsook de kuipranden en dakspanten monteren, de laatste met een halfhoutse verbinding, met een stringer aan de binnenzijde van de kajuitopbouw waar de tanden van de spanten weer in kwamen te liggen en deze verlijmd en geschroefd te hebben.

Nu kon nadat alles geschuurd was de eerste laag hardhoutolie aangebracht worden nadat eerst het teak met thinner ontvet was en als je dan de vlammen en structuur, van dat ruige deel dat je een paar maanden ervoor op een winterse dag bij de houthandel met zorg hebt uit gekozen, dan zie je waar je het allemaal voor doet.Als dan vorm en mooie lijn tevoorschijn komt en als de eerste laklagen erop zitten kun je naar de volgende fase.

Merel had thuis  de mahonie dakspanten al menig keer geschuurd en gelakt en tevens de oregon pine dakdeeltjes met velling kant voor het dak/plafond gegrond en afgeschilderd zodat deze weer op de dakspanten gebogen konden worden en op maat gezaagd waarna ze verlijmd en geschroefd werden.

Nu de kajuitopbouw voor het merendeel stond besloten we eind maart toch om een teak dek te leggen en voor de moderne verlijming met epoxy te kiezen.Wanneer je de naden ook met epoxy vult zal je vanwege de werking van het hout de latten niet breder moeten maken dan 40mm.en de dikte mag max.6/7mm. zijn.Aangezien de lijfhouten en fishingdelen breder uitvallen zul je hier de naad met een rubber-compound moeten vullen, vanwege de grotere werking.

Daar ik de week voor koninginnedag vrij nam van mijn werk had ik twaalf dagen vrij en de tijd om het teakdek te leggen, en de weekends daarvoor had ik de lijfhouten al pas gemaakt en de dekdeeltjes zelf uit balken gezaagd.De eerte delen die tegen de buiten zijde kwamen hadden genoeg lengte om twee stroken te gebruiken en het tweede deel heb ik uit drie delen gemaakt zodat de verspringing op ruime afstand van elkaar gehouden wordt.Aan beide zijde legde ik zo twee delen per dag en met ontvetten van het teak en aanmaken van epoxy vervolgens insmeren, de epoxy met vulmiddel opdikken en het dek insmeren was dit al met al toch wat teveel voor één persoon.

De vier dagen erop kreeg ik assistentie en hadden we eind van de week het dek zo goed als dicht op voor-en achterdekje na, waar ik mij het weekend mee bezig hield.Nu lag het dek erop maar het ergste kwam nog en dat was het vullen van de naden met epoxy dat met pigment(zwart) aangemaakt moest worden waarbij een injectiespuit gevuld diende te worden en dan meter voor meter de naden vullen.Dit met veel geduld en weinig soepelheid waarbij het halve dek onder de ‘shit’ zat kostte me twee dagen en dan nog een halve dag rubberen.

Na het uitharden van de rubber kon met de grove schuurband het hele dek geschuurd worden, wel met beleid en in de langsrichting van het hout! Hoe je schuurt maakt veel uit want daarna moet je met een steeds fijnere korrel gaan schuren en is het lastig om onvolkomenheden weg te krijgen.De finishing touch komt later wanneer al die delen die gelakt moeten worden en eerst behandeld met hardhoutolie erg mooi gaan glanzen.

Wanneer het dek klaar is kan de volgende stap gezet worden en dat is het aanbrengen van de voetlijst, deze heb ik eerst uit vier delen teak met een schuine vertande liplas aan elkaar verlijmd.Dit om de lengte over zijn geheel te kunnen buigen aangezien je korte stukken moeilijk kan buigen en je verbindingen niet sluitend krijgt als je de delen afzonderlijk monteerd. Nu moest echter de hele lengte van zo’n negen en een halve meter erop en wanneer je dan voor in de sponning van de stevenbalk begint dan hangt het achterste deel  bijna onder een hoek van 45 graden over en komt ongeveer drie scheepsbreedte naast je uit te waaieren.

Begonnen aan bakboord vanwege de ruimte maar dan breekt de eerst las en bijt je op je lip(las) en vraagt je af hoe dat gebeurt, de verklaring die ik er voor gaf is; dat ik de verbinding geschroefd had en dat de las juist op het schroefgat afbrak.Na de breuk weer hersteld te hebben en met hulp kregen we de voetlijst beetje bij beetje in de kromming en schroefde hem meter voor meter aan dek. De andere kant ging een stuk gemakkelijker want de eerste keer is altijd het moeilijkst en met wat hulphoutjes en improvisatie kom je een heel eind.Vervolgens is het een kwestie van afwerken een beetje schaven hier en daar en dan de frace erlangs halen om er een afgeronde kant aan te maken.

Later dienen nog de spuigaten erin gemaakt te worden daar waar ik ze hebben wil en dat is wanneer het schip te water ligt op de juiste waterlijn en dan het laagste punt  opzoeken daar waar het water staat!Wanneer ik nu zo naar het gehele dek kijk en die mooie lijnnen van het schip geaccentueerd worden door de smalle stroken teak en de voetlijst, dan heb ik er geen spijt van die beslissing genomen te hebben, om er een teakdek op te leggen, het kost wat zweetdruppels en een paar vieze handen!!!

Het dak van de kajuit opbouw moest verder nog afgewerkt worden met en laag hechthout  en bij de mast heb ik ter onderscheiding  van de kajuit en voorroef een deel teak ingelegd daar waar oorspronkelijk de vallenbak op gelijk nivo met het dek lag, visiueel zie je nu toch twee compartimenten;voor- en achterkajuit.

Vervolgens moesten de luiken en koekoek nog gemaakt worden die ik ook met teakdeeltjes heb ingelegd en in de ramen van de koekoek canelleblank glas gezet heb,daarover komt nog het tralie werk van massief messing staf.Merel was ondertussen steeds met het voorwerk van de romp bezig en kon haar energie kwijt  in het schuren en lakken van alle delen aan dek en kajuitopbouw en daartussen nog even de romp voorbewerken.

Uiteindelijk moest de kuip nog aangepast worden en deze heb ik met staande vloerdelen teak afgetimmerd en de banken weer ingelegd met deeljes teak en natuurlijk weer de naden gerubberd en afgewerkt en om niet te vergeten de klossen voor de schootlieren monteren.

De laatste loodjes wegen het zwaarst en toen we met zijn tweeën het kajuitdak nog voorzagen van een epoxy met mat hadden we het kwaad te verduren en met vereende kracht en het doorzettingsvermogen van ”Schipper’ hebben we ook deze klus kunnen klaren.De bronzen lichtranden moesten ook nog afgewerkt worden en daar had ik me aardig op verkeken want het kost je gemiddeld bijna twee uur om ze af te bramen, schuren en polijsten vervolgens nog de schroefgaten boren en verzinken en dan kan het glas geplaatst worden en de patrijspoorten gemonteerd.

Merel heeft het kajuitdak weer voorzien van de nodige lagen verf en kon ik zo verder gaan met het maken van de handrail, ondertussen halfronde afgewerkte lat tegen de kajuit geplaatst en de handrail monteren.Inmiddels was het half Juni en had ik de hulp ingeschakeld van een aantal mensen binnen de vereniging en vrienden die ons ondersteunde met de nodige manvrouwkracht.

Al het afwerk en montage nam zeker nog twee weken in beslag en daarbij moest daarna ook nog het dekbeslag zoals bolders,rails, overloop en scharnierwerk vastgezet worden, maar met een week uitstel is het schip dan toch op 8 Juli te water gelaten. Uiteindelijk moest de mast nog voorien worden van al het beslag en verstaging plus lampen, marifoon antenne en de zalingen met diamantverstaging wat ons ook nog twee dagen kostte voordat de mast weer geplaatst kon worden.

Op 15 Juli voer de Stormmeeuw weer als herboren op eigen kiel het Noordzeekanaal af richting thuishaven, een jaar nadat we het schip hadden gekocht. Natuurlijk wil ik iedereen bedanken voor alle hulp.            met vriendelijke groet Bas

 

Published in: on 27 november 2006 at 21:49  Comments (1)